
Bij de behandeling van luchtwegaandoeningen worden voornamelijk medicijnen gebruikt die ingeademd moeten worden. Bij tabletten of drankjes komt de werkzame stof via een omweg op de plaats van bestemming; na opname in het bloed via het maagdarmkanaal. Bij inhalatietherapie wordt de kortste weg genomen; door goed te inhaleren komt het geneesmiddel op de plaats waar het moet zijn: de luchtwegen (de longen). Zodoende is er alleen medicijn daar waar het moet zijn. Een voordeel daarvan is dat de andere organen niet in contact komen met het medicijn. Daarom kun je bij dit type medicijnen minder bijwerkingen verwachten. Ook kan met een lagere dosis worden volstaan en werkt het medicijn sneller.
De moderne geneesmiddelen die worden toegepast voor de behandeling van luchtwegaandoeningen zijn effectief, vertrouwd en hebben weinig bijwerkingen. Deze geneesmiddelen moeten natuurlijk wél op de juiste manier worden toegepast. Alleen dan kun je er op vertrouwen, dat ze in voldoende hoeveelheid op de juiste plaats (in de longen) terecht komen.